Wyrd

via Wyrd

Advertenties

Btw-verhoging

Het huidige kabinet is van zins om de belasting op arbeid te verlagen, hiermee wordt de wig (het verschil tussen wat een werkgever betaald en wat een werknemer ontvangt) kleiner. De bedoeling hiervan is betaald werk meer belonend te maken. An sich geen verkeerd doel, zij het met een paar irritante implicaties. Ik vraag mij ook af in hoeverre dit het beoogde resultaat zal hebben, hoeveel werkgevers zullen het netto-loon evenredig laten stijgen? En het doet niets tegen de wereldwijde tendens van automatisering en de daarbij horende ontmanteling van sociale zekerheden.

Maar allé, betaald werk financieel voordeliger maken is niet een verkeerd doel.  Maar als ”compensatie” wordt er iets vreselijks voorgesteld. Verhoging van de lage btw-tarief van 6 naar 9 procent.

Dit betekend zaken die als primaire levensbehoeften worden gezien, zoals voedsel, kunst en sport , in één klap 3% duurder wordt.

Het saliante is, dat hoe lager het inkomen, hoe groter het percentage is dat op gaat aan deze zaken. Wat dus betekend dat waar een belasting op arbeid nivillerend werkt (hoe hoger het inkomen, hoe meer je betaald), deze wijziging dus vooral de armsten het meeste zal raken. Als je het nu al lastig vind om de knoopjes aan elkaar te knopen, dit wordt nog veel ”intressanter”.

Horeca bedrijven, zoals kroegen die het rookverbod op de één of andere manier hebben overleeft, gaan hun prijzen dus ook zien stijgen. Evenals bakkers, supermarkten, boekwinkels en schoenenmakers. Vooral voor kleinere ondernemingen (die de financiële voordelen van schaalvergroting niet hebben) kan dit heel goed de strop dichtknopen. Deze kleinere ondernemers hebben meestal geen tot weinig betaalde werknemers, de verlaging op belasting op arbeid zal voor hun geen brood op de plank schelen.

 

Het leuke is, toen dit onzalig voorstel bekend werd gemaakt, was Nederland terecht woedend. Maar de aandachtsspanne van zowel burger als media is veel te kort voor de politieke realiteiten.  Men denkt er inmiddels niet meer aan, maar de ramp moet nog komen. Daarom vraag ik vooral aan leden van de VVD, CDA, CU en D66 om dit weerwoord wederom te laten klinken. Elk van deze partijen heeft manieren voor leden om inspraak te doen, maak daar alstublieft gebruik van! Niet alleen voor uw eigen belang die in het geding is, maar ook voor al die mensen die nu al moeite hebben met de kosten voor de eerste levensbehoeften.

En ook voor alle anderen, deel dit bericht, begin er gesprekken over, zowel privé als openbaar. Breng het terug onder de algemene aandacht. Het is nodig.

 

Alle goederen en diensten die met deze wijziging direct duurder zullen worden. Het zijn er meer dan je denkt.

https://www.belastingdienst.nl/wps/wcm/connect/bldcontentnl/belastingdienst/zakelijk/btw/tarieven_en_vrijstellingen/goederen_6_btw/goederen_met_6_btw

https://www.belastingdienst.nl/wps/wcm/connect/bldcontentnl/belastingdienst/zakelijk/btw/tarieven_en_vrijstellingen/diensten_6_btw/diensten_met_6_btw

 

 

https://www.cda.nl/standpunten/vlaktaks/

https://www.vvd.nl/standpunten/btw/

https://www.evmi.nl/nieuws/mensen-en-bedrijven/ambachtelijke-speciaalzaken-dupe-afschaffing-dividentenbelasting-en-btw-verhoging/

 

https://www.fiscaalconsult.nl/141/verlaagd-btw-tarief-per-1-1-2019-verhoogd.htm

https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/belastingen-voor-ondernemers/verhoging-lage-btw-tarief

Hoe drinkt de Mijmeraar?

Volgens de meest gedeelde interpetatie, drinkt de Mijmeraar uit zijn bron met de hoorn Gjallahorn, welke ook het laatste noodsignaal zal geven wanneer de Jotun ten strijde trekken voor de Ragnarok.

Maar dit is waarschijnlijk een gemakzuchtige vertalingsfout. Er word in het IJslands gesproken over de ”hoorn van Heimdall”. Heimdall is de Godheid die op de Gjallahorn zal blazen. Maar het woord dat als hoorn wordt vertaald, zou linguistisch gezien beter vertaald worden als ”schelp”, en wordt meestal gebruikt om oorschelp te betekenen.

Elders wordt gezecht dat de Mijmeraar drinkt uit ”the pledge of Odin”, oftewel de belofte of de borgsom van Wodan. Het is bekend dat Wodan zijn oog offerde om een slok te mogen nemen.

Deze datapunten meegenomen, mijmer ik als volgt.

Heimdall, de wachter van de regenboogbrug naar Asgard, staat erom bekend extreem gevoelige zintuigen te hebben. Als in: hij kan het gras horen groeien en de voetsporen van kevers nog zien. Het lijkt mij veilig om te stellen dat Heimdall dus dingen heeft gehoord die geen mens of andere God ooit zou hebben kunnen gehoord.

Wodan bezit een troon, waarmee hij alles in de negen werelden kan aanschouwen, bovendien heeft hij in zijn zucht naar kennis, wijsheid en macht zaken aanschouwt die zelfs een Godheid vreemd zijn.

Ik heb elders al geschreven over welke symbolische waarheden ik zie in het offer van Wodan. Door één van zijn ogen te verwijderen van het ”hier en nu”, en permanent te plaatsen in de bron van Mijmeraar, verliest hij een deel van zijn zicht op het ”actuele”, en krijgt in de plaats daarvoor een inzicht in het ”algehele”. Het lijkt mij zeer mogelijk dat, beschreven in een aan ons verloren saga, Heimdall een soortgelijke afspraak heeft gemaakt.

Voor afspraken tussen Goden geld, net als in alles, dat elke gift een wedergift vereist. Voor een grote gunst als een slok uit de bron van Mijmeraar dient de Mijmeraar veel profijt te krijgen, al was het maar om de immense waarde van een dergelijke slok te erkennen. Dus wat verkreeg de Mijmeraar nou daadwerkelijk?

Het grote avontuur van Mijmeren is het analyseren van informatie vanuit verschillende perspectieven. Het oog van de woedende en het oor van de alhorende bevatten unieke informatie, en een meekomend uniek perspectief. Door de wijsheid van de Mijmeraarbron in te nemen via deze bijzondere invalshoeken, verkrijgt de Mijmeraar unieke en waardevolle inzichten.

Dit past ook thematisch erg goed bij de door mij elders benoemde UPG’s van een aantal moderne Mijmeraar-gelieneerde beoefenaars. Waarbij zij voor een bepaalde periode één of meer van hun zintuigen ten dienste stelden van de Mijmeraar. Het lijkt mij waarschijnlijk dat hij zo nieuwe perspectieven verzamelt. Of om het anders te verwoorden: nieuwe bekers verkrijgt om uit zijn bron te drinken.

Dit is voor mij een belangerijk gegeven. Wat ik zelf lastig vind aan een relatie opbouwen met een Godheid is de vraag: wat heb ik nou precies te bieden? Als een Mijmerende, Heidense Aspie, ben ik mij bewust van mijn vaak ongewoon perspectief. Ik zal nooit beweren dat mijn invalshoek ook maar een beetje te vergelijken is met het gehoor van Heimdall of het zicht van Wodan, maar wellicht valt er iets te onderhandelen.

Wie weet, misschien heb ik ergens in mijn Urd al een dergelijk contract ondertekend…..

Maar om de vraag in de titel te beantwoorden: volgens mij drinkt de Mijmeraar gulzig, met een enorme collectie van bekers.

 

 

 

Mijmeraar en Hell

Raven Kaldera, een vrij controversieel figuur binnen het Heidendom die inzichten publiceert zonder historisch bronmateriaal, zegt als eigen inzicht te hebben dat de vrouwe Hell en Mijmeraar ooit consorten waren.

http://www.northernshamanism.org/jotnar.html

 

Ik kan dit wel plaatsen, de Vrouwe der Verborgenen en de Mijmeraar lijken mij goed bij elkaar te passen.

  • Door te mijmeren filter je relevante van irrelevante informatie, een goede manier om zonder te liegen zaken vóór je te houden, en om het onderscheid te maken tussen wat er in welke situatie wel of niet geopenbaard moet worden. Een voorbeeldscenario: Je kent iemand die transgender is, diegene houdt dat niet erg geheim maar hangt het liever ook niet aan de grote klok. Een Hell zou het niet benoemen omdat het privé is, een Mijmeraar zou het zowiezo niet benoemen wanneer het irrelevant is.
  • Één van de meest dankbare onderwerpen om over te mijmeren is ”het leven na de dood”. De Vrouwe der Verborgenen helpt dit mijmeren te inspireren door héél soms een tipje van de sluier te geven, maar voor de rest houdt ze de waarheid lekker verborgen.
  • De Mijmeraar en de Vrouwe der Verborgenen respecteren beiden de macht van de stilte en van de rust. Dit onderscheidt hen van de meeste andere aan de Germanen bekende Goden, wiens bestaan begeleidt wordt door muziek, danwel van vreugde, liefde of van agressie.
  • Één herkbenbare vorm van de bron van de Mijmeraar is het collectief onbewustzijn. Een (deels genetisch) geërfd geheugen. Oftewel invloed van onze overleden voorgangers die inmiddels tot het rijk van de Vrouwe der Verborgenen behoren.
  • Volgens internet zijn er veel mensen met fysieke of mentale beperkingen die zich aangetrokken voelen tot de Vrouwe der Verborgenen, omdat deze hun de rust geeft en niet de aandacht vestigt op hun ”afwijking”. Het schijnt ook dat zij zelf geen respect of gedult heeft voor hen die er bijvoorbeeld een hele show van maken te doen alsof ze niet ongemakkelijk voelen bij haar aanzien (de helft van haar lichaam is een rottend lijk). De Mijmeraar heeft een relevante hoeveelheid schijt aan het lichaam. En veel vormen van wat als geestelijke beperking heet kan misschien wel beter worden gezien als een uniek perspectief. Enorm onhandig in de menselijke samenleving en het aardse bestaan, maar voor de Mijmeraar zijn juist die unieke invalshoeken interessant. Zowel een fysieke als een mentale afwijking kleurt iemand’s perspectief, en ik ben ervan overtuigt dat de Mijmeraar en de Vrouwe der Verborgenen daar inherent het beste mee om gaan.

 

Ik denk dat ik wel vaker zal gaan mijmeren over de relatie tussen deze twee bijzondere entiteiten. Voor hen beiden geld dat ze niet snel de aandacht zullen opeisen, en dat de meeste Heidenen ze grotendeels over het hoofd lijken te zien. Maar om als Heidendom volwassen te worden, en als Heidenen betere mensen, is het belangrijke dat we deze Goden hun gerechtvaardigde plaats gunnen.

En dat is in ons leven, in onze gedachten, en in glorieuze stilte.

Ahisme en Firth

In dit stuk tracht ik twee concepten, één uit het Hindoeisme, en één uit het Germaans Heidendom met elkaar te vergelijken. Ik wil direct duidelijk maken dat ik weinig tot niets inhoudelijks weet over het Hindoeisme, en mij voor deze helft van de vergelijking baseer op een enkele bron waarvan ik vertrouw dat deze representatief is. Als mijn interpretatie van het concept Ahisme foutief is hoor ik graag van iemand met betere inhoudelijke kennis of begrip van dit concept.

 

Ahimsa en Firth, beiden kunnen gemakzuchtig vertaald worden als ”vrede”. En beide stammen uit een religie met Indo-Europese wortelen. Maar ik zie bij vergelijkingen tussen Hindoeisme en het Germaans Heidendom vooral meerwaarde in waar de verschillen zitten, subtiel of duidelijk. Dit geeft volgens mij namelijk inzicht in de nuances van beide wereldbeelden en de culturen waaruit zij voortkomen.

Allereerst, Firth. Wiktionary geeft al direct een bepaald beeld. Het woord betekend volgens deze bron zoveel van vrede, sereniteit of het engelse woord ”comity”, wat blijkbaar zoveel betekend als goed onderling gedrag.

Dit past goed bij hoe ik Firth als concept heb leren kennen. Firth is volgens mij namelijk wanneer mensen binnen een bepaalde relatie, zich gedragen zoals het voor die relatie verantwoord is. Tegen iemand die ik als een collega dien te beschouwen zal ik bijvoorbeeld anders reageren op vragen over mijn religie dan wanneer iemand die ik als familie of als vriend beschouw. Want binnen een werksfeer acht ik zaken als religie en spiritualiteit minder een plek hebben dan binnen mijn eigen sociale sfeer. In diezelfde trant verwacht ik van mijn vrienden meer respect voor mijn religieuze zienswijzen dan van collega’s. Maar er is ook een verschil in omgangsnorm tussen zelfs je beste vrienden en je romantische partner. De één is niet beter of oprechter dan de ander, maar ze zijn ontegenzeggelijk onderling verschillend.

En dit is nog maar voor mensen onderling. De relatie tussen een mens en bijvoorbeeld Goden, voorouders of landgeesten heeft een eigen firth. Een eigen verstandhouding. In de geschiedenis vaak gericht op een verwacht wederkerigheidspatroon van offers en gunsten. Vooral landgeesten zijn hier intressant in. Er zijn veel verhalen bekend van landgeesten (kabouters, kobolds etc) die een positieve verstandhouding hebben met een huishouden, totdat de mensen uit nieuwschierigheid of dankbaarheid de firth breken. In het ene geval door per sé te willen zien wie er aan de andere kant van de afspraak staan, in het andere door meer beloning te geven dan er impliciet was afgesproken.

De regels van Firth verschillen enorm per relatie, en kunnen met gemak arbitair overkomen. De kern van goede Firth is volgens mij een wederzijds begrip van de situatie en relatie, en voor elkanders respectievelijke positie.

 

Ahmisme is, volgens mijn ene bron, ”geweldloosheid”. Het principe gaat ervan uit dat elk levend wezen recht heeft om te bestaan zonder geweld aan te worden gedaan. Inclusief wezens die zelf geweld aandoen. In navolging van dit principe zijn er mensen die expliciet nog geen mug zouden doodslaan, en waarvoor mieren en andere insecten van hun pad af geveegt moeten worden zodat ze er niet op zouden staan. Het gaat erom dat je als mens geen rimpling zou maken die een andere ziel zou beschadigen. Dit idee komt onder andere bekend naar voren bij de strategie van Ghandi tegenover het Britse Koloniale rijk. Ghandi moedigde zijn volgelingen aan hun om zelfs tegen onrechtvaardigheid en mishandeling alleen passief te verzetten.  Andersinds zijn er stromingen die hun volgelingen verbieden om hout of land te bewerken. Beide worden gezien als geweld tegen hout danwel grond.

Het Ahisme lijkt een poging te zijn om zoveel mogelijk de destructieve mogelijkheden van individuele mensen te beperken, door hun mogelijkheden te beknotten.

 

Het sterke onderscheid in principes die ik hieruit haal komt overeen met een belangrijk verschil dat ik merk tussen Europese pre-Christenlijke stromingen en Oosterse Filosofieën. Van mijn beperkte visie als buitenstaander, moedigen Oosterse Filosofien aan om zoveel mogelijk te onthechten van het aardse bestaan. Ik ben er van overtuigt dat geweld (breed genomen) in sommige gevallen een essentieel deel is van een relatie. Tussen parasiet en gastheer bijvoorbeeld, of het ”geweld” dat een goede ouder doet aan de nukken van een koppig jong kind. Andersinds zijn er veel Goden die bij hun relatie met specifieke mensen deze hun ego en zelfbeschikking ”geweld” aan doen.

Bij Firth word er een onderscheid gemaakt tussen situatie’s. Waardoor het aan ons is om onderling de juiste afbakeningen te vinden. Bij Ahisme lijkt het meer op een absolutistisch principe, waar je in meer of mindere mate navolging aan kan geven. En het is een principe gebaseerd op je (negatief geachte) invloed op de wereld te beperken. Voor mij past dit niet bij de realiteit van mens-zijn. We zouden ons niet moeten proberen los te weken van de cycli van o.a. dood, pijn en leed dat het leven eigen is. Het valt binnen mijn ”rol” als mens om zonder schuldgevoel een mug dood te slaan wanneer deze mij irriteert, net als dat het binnen de rol van  cavia’s valt om zonder blikken of blozen hun eigen nageslacht op te vreten als dat beter uitkomt. Dit willen ontkennen komt mij als vreemd en contraproductief over. Dit erkennen en proberen te bevatten vind ik logischer.

Voorzover ik tot nu toe heb begrepen is dat misschien wel de kern van waar de Westerse en Oosterse stromingen onderling in verschillen.

Het Oosten ziet harmonie in het los maken van aardse verbintenissen, en het Westen accentueert juist het cultiveren van die verbintenissen.

En ik ben, zonder enige twijfel, een Westerling.

https://abadwitch.wordpress.com/tag/firth/

http://www.hinduwebsite.com/hinduism/concepts/ahimsa.asp

http://www.friggasweb.org/frith.html

https://en.wiktionary.org/wiki/frith

Vergadering

In de glitterende hal is er wederom een zitting, Wodan en Freya hebben een conflict, één die oude wonden openrijt en de vrede bedreigt. Op aandringen van Freya wordt het geschil naar Fosite gebracht, de Voorzitter zou een uitspraak doen waar beiden zich aan zouden houden.  

Wodan heeft zoals altijd zijn raadgever bij zich. De Mijmeraar wiens hoofd in een ketel wordt gehouden sinds een der Wanen in een ver verleden hem heeft onthoofd. 

 

”Freya weigert om afspraken te maken om onze magie met elkaar te delen. Wij zouden er allemaal beter van worden maar zij blijft maar denken dat ik haar op de één of andere manier zou bedriegen” ”  Uit de ketel klinkt ”en als je denkt er baat bij te hebben, zal je dat ook zeker doen, t’zou niet de eerste keer zijn”. Wodan geeft de ketel een discrete trap. 

Freya  ”inderdaad, hoe kan ik de geheimen van de Wanen aan jullie toevertrouwen? ik ben echt niet vergeten dat ik, toen ik als ambassadeur langskwam, zomaar in de fik werd gestoken! Ik dacht dat gastvrijheid heilig was!” Uit de ketel gniffelt ”ja, gasten zomaar dood willen maken, dat zouden jullie nou nooit doen!” Nu geeft, Freya, iets minder discreet een trap. 

 

”Wij zijn nu één volk geworden!” Brult Wodan. ”Nou en?” spreekt Freya tegen ”ik ben nog steeds je bitch niet!” 

Zo keuvelen de twee een tijde heen en weer, terwijl de Voorzitter fronsent luisterd. Beschuldigingen met en zonder gegronde reden, uitingen van wantrouwen, jaloezie, en bovenal: koppigheid. Fosite zelf kan deze twee nog niet tot redelijkheid brengen. 

Wanneer Wodan en Freya eindelijk beiden hun hart hebben gelucht, en er een gespannen stilte valt, schraapt er in de ketel iemand zijn keel.  ”Uiteindelijk wil Wodan gewoon toegang tot de macht van Freya en Freya toegang geven tot zijn macht, en wil Freya haar onafhankelijkheid en zelfbeschikking bewaken.” 

Eindelijk ziet Fosite een oplossing,  ”als jullie nou gewoon trouwen? Freya wordt almoeder en heerser in haar eigen recht. Niet al een Waan ondergeschikt aan een Aas, maar als een Dame naast een Heer.  

Wodan twijfelt, Freya kijkt zuur. 

Uit de ketel borrelt ”en jullie hoeven van elkaar natuurlijk niet een potje monogaam lopen doen!” 

Zo werden Wodan en Freya in het echt verbonden. En tot hun wederzijde verbazing was er na verloop van tijd sprake van een onuitgesproken respect, en zelfs een redelijke mate van genegenheid tussen de twee kemphanen. Een verbond die wij kunnen proeven, wanneer wij de extase ervaren van verlieft zijn. 

Persoonlijke Gnosis en autoriteit

Één van de zaken die het meest dom behandelt word in het modern online Heidendom is het concept ”UPG”.  Dit staat voor ”unverifeid personal gnosis”. Oftewel zaken die bij iemands persoonlijke gnosis/religie/wereldbeeld/fluff horen, maar niet 1 op 1 uit specifieke bronnen kunnen worden gehaald. Dit kan klein zijn (God x vind drankje Y lekker) maar ook groter (Freya, Frigg en Goudroes zijn dezelfde Godin, Wodan kreeg zijn raven van Mijmeraar).

 

Hier zijn twee blogjes van andere mensen die mij voor deze mijmering hebben geintresseerd.

https://www.rationalheathen.com/2018/04/28/why-unverified-personal-gnosis-should-not-be-dreaded/

 

https://www.godinnentempelamsterdam.nl/blog/de-genealogie-van-informatie.

 

Bedankt Godinnentempel Amsterdam en Rational Heathen!

 

Ok, om te beginnen een aantal zaken die een Heiden zou moeten begrijpen.

  1. De geschreven bronnen die we hebben zijn vooral opgeschreven door mensen die buiten de religie stonden. Héél zelden een Romein, maar veel vaker iemand die ver na de bekering geboren was.
  2. De belangrijkste geschreven bronnen zijn nooit bedoelt als religieus naslagwerk. de Edda’s zijn bedoelt om een vorm van Poëzie te bewaren, Tacitus en Pinneus waren meer met politiek dan antropologie bezig en Saxo Grammaticus was vooral bezig met het vormgeven van een soort collectieve identiteit. Om maar wat voorbeelden te noemen. Bovendien, de Edda’s beweren dat de Goden oorspronkelijk Turkse krijgsheren waren, maar toch gaan de meeste Heidenen daar niet van uit.
  3. Geen enkel Heidendom heeft een ”absolute bron”. Het echte leven is namelijk niet zo makkelijk. Inzicht komt niet op een zilveren plaatje, we zullen toch echt zelf moeten nadenken en onze verantwoordelijkheid nemen.
  4. Er is geen enkele reden om te denken (en veel redenen om niet te denken) dat er ooit een soort van ”canon” was. Het hele groepsdenken was in die tijd heel anders, Germanen beschouwden zichzelf bijvoorbeeld niet als een samenhangend ”volk”
  5. Context is belangrijk. Zonder de cultuur en het wereldbeeld een beetje te kennen zijn de mythes niet relevanter dan als inspiratie voor namen van je metalband.

 

In het kort, zaken waarvan ik vind dat het vanzelfsprekend zou moeten wezen. Maar nu een hopelijk wat diepere Mijmering.

 

Ik beschouw de Goden makkelijk gezegd als ”energie-wezens”. Ik leg hier de kern uit. Relevant in dit verhaal is dat volgens mij de algeheelheid van een Godheid nooit in een mensenbrein te vatten zal zijn. Dat gaat gewoon fysiek niet passen. Maar de mens heeft een sterk vermogen om zaken snel mentaal te vertalen. Ga maar na hoeveel menselijke eigenschappen we in ons dagelijks leven op elektronica, planten en huisdieren projecteren. Dit is een uiterst nuttig iets. Inplaats van dat je exact het proces van fotosynthese moet uitleggen, kan je gewoon zeggen dat een plant het lekker vind om in het zonnetje te staan.

Maar dit betekend dus voor mij dat het dom is om te denken dat onze Goden daadwerkelijk zijn zoals ze worden beschreven. Ze hebben geen lichaam zoals wij dat hebben, dus kán Tiwaz niet letterlijk zijn hand zijn verloren, of Wodan zijn oog. Bovendien, zouden die Goden met onmetelijke wijsheid na zoveel eeuwen écht niet op het concept ”prothese” kunnen zijn gekomen?

UPG is de mogelijkheid om niet stil te blijven staan bij een beperkt en beschadigt fragment van een wereldbeeld. Maar laten we wel wezen, niet elk idee is even zinnig. Het idee dat je naar Walhalla zou gaan als je ”vecht” tegen: een ziekte, vooroordelen, verzonnen complotten, depressie, je eigen verwachtingen etc etc past totaal niet bij de kern van het concept Walhalla. Verder is het enorm makkelijk voor elke sufkut met een ego-probleem om zichzelf als de hoogste hogepriester(es) danwel gemaal van één of zelfs meerdere Goden te zien. Ik hoef domme ideën niet serieus te nemen, en dat wel doen beschadigt onze reputatie. Als jij zegt gekozen te zijn door Wodan, laat dan zien waarom Wodan jou zou speciaal zou moeten vinden. Als jij beweert te spreken namens Mijmeraar, dan verwacht ik extreem diepzinnige en weloverwogen woorden van je. Als jij je ideeën niet kunt of wilt onderbouwen, dan hebben ze waarschijnlijk niet genoeg meerwaarde om naar te luisteren.

In onze samenleving wordt het niet goed geacht om zwart-wit te denken, maar toch is dat wél de norm. Overal lijkt het erop dat 1 van de 2 extremen als enige redelijke optie bestaat. Óf je beweert heel stellig puur historisch verantwoord bezig te zijn, óf je beweert heel stellig alle eigen ideeën te aanvaarden. Het eerste heeft de valkuilen die ik eerder benoemde, de valkuilen van het tweede idee kom je tegen in vele facebookgroepen. Eindeloze herhaling van dezelfde paar standpunten, onjuiste standpunten die blijvend als waar worden gepresenteerd en overduidelijke zaken moeten telkens opnieuw beargumenteerd worden, telkens weer afgeknapt met ”ja, maar zo zie IK het niet”. Waarna je direct klaar bent (blijkbaar). Beide aanpakken zijn het Heidendom en de mensheid onwaardig.

 

Een veel gedeelde en terechte vraag op mijn ”middenweg” is in verschillende variaties als volgt: wie bepaald wat er redelijk is? Dat is, zoals de meeste vragen die de moeite van het stellen waard zijn, lastig maar niet onmogelijk te beantwoorden. Ik stel hierin voor om het concept reputatie en eerzaamheid een praktische expressie te geven. Bijvoorbeeld een soort van eretitels, titels waar je niet voor werkt of met iets van een opleiding ontvangt, maar die simpelweg erkent worden. Zoals een echte Guru dat alleen wordt omdat een mensen hem volgen en naar hem luisteren. Deze zal wel hebben gestudeerd en dergelijke, maar wordt niet benoemd als Guru, maar slechts erkent. Natuurlijk is het hiervoor noodzakelijk dat er onder in ieder geval een respectabele groep Heidenen een zekere consensus bestaat (Fosite doe je best). Dit gaat tegen de huidige tendens in, maar past bij de noodzaken van deze tijd en bij de kernzaken van Germaans Heidendom, en elk ander Pre-Abrahamistisch geloof.

 

Moderne Heidenen hebben danwel een bizarre postmoderne haat naar alles wat riekt naar autoriteit, maar dat is slechts een expressie van een puberale contra-cultuur. Het is hoog tijd dat wij op de een of andere manier zinnige zaken van onzin leren te scheiden. En het ontwikkelen van volwassen UPG’s gaat daar een essentieel onderdeel van zijn.

 

 

 

 

 

 

Wodan zijn diertjes. Wolfjes!

Eerder schreef ik al kort over Wodan, En wel hier. 

Ook anderen hebben veel over de Woedende Wijsgeer verteld, zowel historisch onderbouwde interpretaties en persoonlijke ervaringen.

 

http://oldeuropeanculture.blogspot.nl/2015/10/the-riddle-of-odins-ravens.html

 

Vandaag wil ik het even hebben over de dieren die volgens de Edda’s van hem zijn.

Ten eerste zijn wolven, Geri en Freki.

Beide namen betekenen zoveel als ”veelvraat”, en worden beide ook als term gebruikt om naar wolven te refereren in poëzie.  Wanneer Wodan aan de grote tafel van zijn hal eet, geeft hij al zijn vlees aan deze wolven en drinkt zelf alleen de Mede van Inspiratie.

Ik lees hier een beetje het volgende: Wodan is als oervorm van het obsessieve, en woedende en het passievolle gevoed door inspiratie. Het is voor velen die met depressie kampen ook niet ongewoon om de interne ”duisternis”, makkelijk te symboliseren als veelvretende wolven, te blijven voeden.

Recent is er een bepaalde romanistische revaluatie gaande rond wolven. Van mensen die zichzelf identificeren met wolven omdat ze zichzelf beschouwen als eenlingen (dit is meerdere graden van ”niet hoe shit werkt”) tot een dromerig beeld van een wildernis hier in Nederland met ronddolende wolven. Maar tot voor kort waren wolven vrijwel universeel in ons onderbewustzijn als een eng, gevaarlijk wezen. Dit is ook vrij logisch, voor was het een ramp als je een deel van je vee verloor aan wolven. En nog los van de economische schade is het nogal luguber wanneer je onverwacht de bloederige restjes ontdekt.

Intussen weten we bijvoorbeeld dat wolven extreem zelden mensen aanvallen, maar de wolven die mensen tegenkwamen waren juist diegenen die, eenzaam en wanhopig, wél aanvallen, en fel ook!

Het is dus logisch dat Germanen, die veelal in kleinere nederzettingen afhankelijk van veeteelt leefden, deze beesten vrij eng vonden.

Neem daarin mee dat bij grotere veldslagen zij, samen met raven, als eerste en meest zichtbare aasdieren  aan lijken gingen peuzelen, en het wordt duidelijk waarom de associatie met Wodan zo passend bleek.

Persoonlijk associeer ik Geri en Freki heel sterk met een dominerend aspect van Wodan. Het alles verslindende. Zoals Wodan zijn ethiek en zichzelf opoffert in een zoektocht naar kennis, of zoals oprechte passie of een verslaving een persoon  volledig consumeren kan.

 

 

http://oldeuropeanculture.blogspot.nl/2015/10/the-riddle-of-odins-ravens.html

http://wolfandravens.blogspot.nl/

https://mythology.net/norse/norse-creatures/huginn-and-muninn/

Het Poly van Polytheïsme.

Op een stille lenteavond, zittend aan de rand van een meer, verbaasde ik mij tegenover een vriend over de machten van het universum. Over hun kracht en onkenbaarheid. 

”Hoe bedoel je onkenbaar? Ik ken er meerdere persoonlijk” was zijn antwoord. 

”we noemen hen Goden, en er zijn er velen. Het is vaak moeilijk om te bepalen waar de ene God ophoudt, en de andere begint.” 

Ik besloot maar niet om verduidelijking te vragen, maar ik vroeg of hij een aantal Goden kon opnoemen. 

”De Woedende wordt meer vertrouwt dan wijs is, geen enkele deugd of waarheid is heilig voor hem, zijn macht en wijsheid zijn groot, maar hij verraadt net zo lief als dat hij zegent. Door hem gekend worden is een zegenvolle vloek, of een vervloekte zegen. 

De Donderaar daarentegen heeft in al zijn wijsheid zelden behoefte aan list of bedrog. Met zijn verbrijzelende hamer weet hij de meeste problemen snel op te lossen. Zijn strijd beschermt de wereld van de mensen. Van hem zal je direct weten of je een vriend of een vijand bent.” 

”Dan zijn er ook nog de Heer en de Dame, broeder en zuster, geliefden, en twee helften van één geheel. Ieder kan als individu gekend worden, maar slechts gezamenlijk bestaan ze in hun volle glorie. Ze zijn machtig op het strijdveld, maar hun ware macht ligt in het feit dat ze de strijd geen waarde toekennen.” 

 

Ik onderbreek mijn vriend. ”Ik hoor anderen spreken over één God, die de naam God draagt” 

Mijn vriend grijnst. ”Hij luistert liever naar de naam Tiwaz. Ja ooit heerste hij boven alle andere Goden, zijn naam wordt gelijkgesteld met het edele ras der Goden. Maar dat was voordat hij zijn eed brak om zijn vriend, de alvretende wolf, Veenhaar, op te sluiten. Hij brak deze eed om de vernietiging van het alles uit te stellen. Dit kostte hem zijn zwaardhand en daarmee veel van zijn macht en respect. Hij draagt deze vergelding met eer, en helpt eedbrekers hun last te verlichten door hun te straffen, noodzakelijk om schade aan anderen en hunzelf te verwerken. Daarom is Tiwaz de beschermer van het strafrecht.  

”Was het Tiwaz die ons ooit het wetboek gaf?” 

”Nee, dat deden de mensen zelf. Ze kwamen bij elkaar en deelden hun wijsheid. Maar daarbij werden ze geholpen door de Voorzitter, die nog steeds aanwezig is bij elk belangrijk overleg. Wanneer men naar hem luistert, zal iedereen tevreden mogen zijn met elke uitkomst.” 

Het begon mij te duizelen. 

”Het zijn er zo veel, hoe kan ik hen nu ooit allemaal kennen? Hoe kan ik spreken met deze machten?” 

Mijn vriend begon te fronzen. ”Je stelt de verkeerde vragen. Veel Goden ken je zonder het te weten. Om ze beter te leren kennen zal je moeten te beginnen met betere vragen verzinnen. 

Elke relatie tussen een Godheid en een mens kan weer anders zijn. Sommigen kennen de Donderaar door te beschermen, of spreken in hun liefdesspel met de Heer en de Dame, weer anderen offeren en doen rituelen. Elke Godheid bepaalt zelf wel of ze willen luisteren of niet.  Er is geen antwoord mogelijk op de vragen die je stelt.  

Maar hoewel je nog steeds de verkeerde vragen stelt, ken je meer antwoorden dan je denkt. Voorlopig hebben we wel genoeg gesproken, ga nu maar weer naar huis. Je weet mij te vinden.” 

 

En zo opende ik mijn ogen. Het guste nog in mijn hoofd terwijl de geluiden van het bos binnen begonnen te komen. Ik dankte mijn Mijmerende vriend, en begon te verwerken. 

De Vrouwe der Verborgenen

Het is een ergelijke spiraal. Ik krijg geen lezers aangetrokken tot deze blog, laat staan feedback van mensen over welke aspecten van mijn schrijfsels wel of niet leeswaardig bleken. Dit haalt mijn motivatie omlaag waardoor ik minder schrijf, zowel qua hoeveelheid als qua kwaliteit. Daarmee krijg je natuurlijk ook geen lezers erbij.

Maarja, ik koos er bewust voor om in het Nederlands te bloggen, en dat is nou eenmaal een erg beperkte doelgroep. Maar nu ik mij meer en meer bewust ben van het feit dat mijn mijmeringen verborgen zijn in de nevelen der Internet, is dit een mooi moment om eens over de Vrouwe der Verborgenen te mijmeren.

 

Ik bedoel daarmee de Godin die in de Edda’s bekend staat als Hell.

Laat ik beginnen met wat er in de Edda’s staan, dit is voor vele Heidenen en geïnteresseerden toch de eerste introductie, en daarmee een logisch beginpunt.

Volgens de Edda’s is Hell de dochter van Loki en zijn vrouw, de minder bekende Angrboða. Ze heeft twee volle broers, de allesverslindende wolf Veenhaar, en de wereldslang die op zijn staart bijt en zo de gehele wereld omcirkelt.

De wereldslang werdt in de zee geworpen, en zal nog driemaal benoemdt worden, opvallend genoeg alle drie in connectatie met Donar, maar dat is een ander verhaal.

Veenhaar wordt opgesloten met behulp van ketenen gemaakt door Dwergen en een eedbreuk gemaakt door Tiwaz.

Hell verdwijnt naar het dodenrijk, het is lastig te zeggen in welke context dit gebeurde. Was dit een straf, een beloning of een gevangenis? Hoe het ook zij, Hell regeert over een dodenrijk welke haar naam draagt. Hellheim en Niflheim (hell-rijk en nevel-rijk) worden bij naam genoemd, net als Nastrond (lijken-strand). Ikzelf ben er altijd van uit gegaan dat het uiteindelijk gaat om Hellheim met ”gebieden” daarbinnen.

 

Hell wordt verder maar zelden genoemdt. Na de dood van Balder wordt gezien dat zij een welkomstfeest voor de Godheid voorbereidt. Ze weigert Balder terug te laten keren naar het rijk der levende Goden tenzij ieder levend wezen om hem rouwt. Wanneer een bepaalde Jotun (wellicht Loki in vermomming) dit weigert, blijft Balder dood. Intressant genoeg lijkt het erop dat doordat Baldur in het rijk van Hell verblijft, hij als één van de weinigen Ragnarok overleeft. Hell zelf lijkt de kant van haar vader te kiezen tijdens Ragnarok, maar veel over de waaroms en dergelijke wordt niet verteld.

Tot dusver de Edda’s, ik wil graag verduidelijken dat ik de meerwaarde van de Edda’s als bron als zeer beperkt beschouw. Dus nu door naar (naar mijn objectief juiste mening) intressantere zaken.

Allereest het leuke spelletje: Wat betekend die naam?

Het is leuk om te noemen, dat deze vrouwe niet vernoemdt is naar het Christenlijke concept van een goddeloze onderwereld, maar juist andersom! Jazeker, de oorspronkelijke Bijbelteksten bevatten nergens het woord ”Hell”, alleen Sheol en Hades. Hades komt uit het Hellenistisch wereldbeeld (welke invloedrijk was in het middenoosten) en Sheol betekend letterlijk ”het graf”. Latere Europeese vertalingen voegden dit samen onder de noemer Hell en maakten zo het beeld van het vurige duivelsrijk dat we nu kennen en ontkennen.

Maar dat is dus wat Hell niet betekend, maar wat betekend het dan dus wel?

Het leuke is dat via Wiktionary ik grofweg twee oorsprong-betekenissen kan vinden. Verborgen (denk verhullen) en licht (denk helder). Ik kan niet nagaan of dit klopt met hoe er historisch gevoeld werdt bij de termen, aangezien de oudst bekende bronnen de vrouwe en de onderwereld al verbonden hadden, maar ik vind het persoonlijk wel passen.

Hell wordt namelijk beschreven als voor de helft, een mooie vrouw, en voor de helft als rottend lijk. Schijnbare tegenstellingen lijken mij dus niet onvoorstelbaar in deze.

Er zijn academici die haar verbinden met Hulde en Vrouw Holle, over hoe dit precies zit wil ik het later nog wel eens hebben. Deze figuren zijn namelijk ook op zichzelf intressant en een blogje waardig.

Ik benoem liever de volgende moderne interpetatie: Hell is de beschermster van de verborgenen. Daarmee kan je denken aan de overledenen, wiens bestaan en nieuwe vorm van leven voor ons in nevelen gehuld is, maar volgens enkele moderne volgelingen ook aan mensen die zich onzichtbaar weten.

Denk aan mensen met zichtbare handicaps of opvallende littekens of dergelijke. Wanneer deze gezien worden zal dat wat hun anders maakt altijd het meeste in zicht zijn en het meest onthouden worden, waardoor de rest van wie ze zijn verstopt wordt. Vooral diegenen die zich daardoor liever aan het zicht onttrekken zouden volgens deze interpretatie bij Hell een welkom rustpunt kunnen vinden.

Maar ook mensen die de samenleving naar het schijnt liever niet ziet vallen onder haar bescherming. Veel mensen die Neurodivers zijn (Autisten, schizofrenen, Bipolaire mensen enz enz) moeten grote delen van wie zij zijn vrijwel permanent onderdrukken om mee te mogen doen in de samenleving. En nog veel meer mogen genieten van het feit dat het overgrote deel van de bevolking graag en efficiënt doet alsof deze mensen en hun problemen niet bestaan. Ook deze mensen zouden begrip en verademing kunnen vinden bij Hell, waar ook hun duistere kanten niet genegeerd of opgehemeld worden, maar erkent als deel van het geheel.

Dit is een Godin die ik graag persoonlijk beter zou willen leren kennen, maar vooralsnog blijft ze in nevelen gehuld voor mij, wellicht zal dat altijd zo blijven. Maar het is goed om te weten dat ergens in het diepste duister, er iemand waakzaam is.