De winkeldans

De stilte is drukkend. Het is de stilte van afwezigheid, afwezigheid van leven en energie.

Voor het raam loopt men voorbij, in mijn hoofd werk ik subtiele en minder-subtiele manieren uit om deze mensen naar binnen te krijgen. Het ergst zijn niet degenen die de hele winkel niet zijn, veel erger zijn zij die laten horen het een fijn uitziend winkeltje te vinden, maar vervolgens doorlopen, om in de eeuwigheid te verdwijnen.

Ik sta hier voor een ander, iemand die de winkel voor veel mensen als een thuis kan laten voelen. Ik merk dat mijn frustratie dit moeilijk maakt te evenaren. De winkelier moet vriendelijk en lief zijn, spontaan en enthousiast. Maar misschien ben ik dat wel helemaal niet.

Een windvlaagje gaat door de winkel en haalt mij uit mijn hoofd, de tingeltangels waar ik mij zo vaak aan erger maken een hemels, ongestuurd kabaal. Vlaggetjes dansen op het niet bestaande refrein. Uit een lelijke kast speelt spontaan Afrikaanse muziek. Geluiden die waarschijnlijk voor een ander woorden zijn stromen door de winkel, maar ook door mij.

Ik besluit maar te dansen. Dansen is een bijzonder iets, juist als het niet kán, is het leuk om te doen. Mijn lichaam volgt een ritme, de muziek een hele andere, en de vreemd aanhoudende wind nóg weer een andere.  Ik dans omdat de winkel leeg is, ik dans omdat ik niet weet of ik hier hoor, ik dans omdat ik niet wil niet-dansen.

De draken kijken chagrijnig naar me, maar dat is hun aard. Stiekem vinden ze het reuze grappig, en dat vind ik dan weer leuk. De engeltjes en elfjes kijken veel vriendelijker, maar uiteindelijk staan ze me eigenlijk uit te lachen. Ook dit stoort me niet.

Ineens heb het door, de draak moet fronzen, de engel en het elfje moeten glimlachen, en de winkelier moet dansen.

Zo beweeg ik mij door de winkel, ik volg de muziek maar blijf standaard een halve maat achter. De rest van de winkel danst op haar manier mee, door te bewegen of juist door doodstil te blijven staan. Ik zwier mee met het ritme, met de energie die door de winkel gaat. Een deel van die energie is ook mijn eigen energie, deze stroomt naadloos over in wat er al was, alsof het altijd al zo heeft moeten zijn.

Temidden van deze doorstroom van kracht en passie, waar ik mij schaamteloos over de lege vloer beweeg sta ik ineens oog in oog met een ietwat vreemd uitziend elfje.

Dit elfje blijkt een klant te zijn, die met slecht ingehouden verbazing en plezier mij aankijkt.

”ik zoek een steen”

Één dans geleden zou ik hebben gedacht ”kijk dan eens uit je doppen, ze staan hier overal!”

Maar nu zeg ik met een oprechte glimlach ”wat leuk! Dan zoek ik met u mee!”

Achter het raam zie ik toevallig de winkelbaas. Ze vind het reuze amusant, ik heb eindelijk de winkel door.

En zelfs de draakjes kunnen een glimlach niet onderdrukken.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s